+31 (0) 35 647 08 78 [email protected]redres.nl ›

thema · interieur

Zitkuil, open haard en glas: het interieur van het moderne huis

De zitkuil bij de haard, het glas tot op de vloer, de kast die bij het ontwerp hoort: in het moderne huis is het interieur geen inrichting, maar architectuur. Een rondgang langs de onderdelen die deze huizen hun karakter geven.

Stadsvilla Ouddiemerlaan, Diemen – zitkuil bij de haard
Zitkuil bij de haard. Stadsvilla Ouddiemerlaan, Diemen. Foto: Redres

In een gewoon huis koop je de muren, en neem je je eigen interieur mee. In een modern architectenhuis werkt dat anders. Daar is het interieur vaak een deel van het ontwerp: de haard staat op een plek die de architect heeft bepaald, de kasten zijn ingebouwd, de vloer zakt op één plek een paar treden weg. Wie zo’n huis binnenloopt, ziet niet alleen kamers, maar een manier van leven.

Drie elementen keren in de huizen uit de jaren vijftig, zestig en zeventig steeds terug: de zitkuil, de open haard en het glas. Samen vertellen ze iets over hoe men toen wilde wonen: samen, warm, en midden in het licht.

De zitkuil

Een zitkuil is een verlaagd deel van de woonkamer waar je op de rand zit, met je benen in de kuil. Het idee is om de ruimte knusser te maken, bijna alsof je rond een kampvuur zit. Internationaal was de zitkuil populair van de jaren vijftig tot de jaren zeventig; een van de vroegste en bekendste voorbeelden is het Miller House in Columbus, Indiana, van Eero Saarinen en Alexander Girard, uit 1958. In Nederland was de zitkuil in de jaren zeventig een bekend verschijnsel. In de jaren tachtig werden de meeste weer verwijderd, omdat ze niet praktisch werden gevonden, en daardoor is een originele zitkuil nu zeldzaam.

De zitkuil was een internationaal verschijnsel, in Europa en Noord-Amerika. Saarinen bracht een rode zitkuil ook in het TWA Flight Center op het vliegveld van New York, uit 1962: een openbare huiskamer voor reizigers. In Nederland werd de zitkuil vaak bij de open haard aangelegd, en er bestaat zelfs een buitenvariant: een verlaagd terras met tuinmeubelen, niet zozeer voor de knusheid als wel als beschutting tegen de wind.

Dat maakt de huizen waar hij nog is, bijzonder. In de stadsvilla aan de Ouddiemerlaan in Diemen, uit 1976, ligt de zitkuil achter de open haard. In Huize Sisu in Nijmegen, uit 1975, is de vierkante zitkuil het hart van het huis, in een open vide onder een glazen dak, met de acht niveaus van het huis eromheen. En aan de Eleonoraweg op de Kwakkenberg in Nijmegen, uit 1978, hoort de zitkuil bij een living met een grote haardpartij.

Stadsvilla Ouddiemerlaan, Diemen – zitkuil bij de haard
Zitkuil bij de haard. Stadsvilla Ouddiemerlaan, Diemen. Foto: Redres

De zitkuil is geen meubel. Het is een plek in het huis die zegt: hier kom je samen.

De open haard

Waar een zitkuil is, is meestal een haard. In het moderne huis is de haard vaak meer dan een stookplaats: het is een architectonisch volume dat de ruimte ordent. In de bungalow van Jan Rietveld in Drachten, uit 1960, staat een groot haardvolume van baksteen en natuursteen in de verhoogde woonkamer; achter de haard liggen de slaapkamers. In Woonhuis Bosschaert in Laren hangt een zwevende haard in de woonkamer, naast een boekenkast naar ontwerp van Gerrit Rietveld.

In het zomerhuis De Braamakkers aan de Loosdrechtse Plassen, al uit 1940–1941, draait alles om een gebogen haard van ruw metselwerk, waaromheen de kamers op verschillende niveaus in elkaar overlopen. En in het huis van Wiebe Hylkema bij It Heidenskip staat de haard in een interieur van donker hout en ruwe baksteen, dat de architect als één geheel ontwierp.

Rietveld-bungalow Folgeralaan 13, Drachten – de open haard in de woonkamer
De open haard in de woonkamer. Rietveld-bungalow Folgeralaan 13, Drachten. Foto: Redres
Woonhuis Bosschaert, Laren – woonkamer met zwevende haard
Woonkamer met zwevende haard. Woonhuis Bosschaert, Laren. Foto: Redres

Soms staat de haard zelfs buiten. In de villa van Herman Haan bij Renesse, uit 1962, zijn er open haarden binnen én buiten, en loopt langs de hele zuidzijde een groot terras. Het vuur verhuist mee met het seizoen: in de winter in de living, in de zomer onder de dennen. Het is een mooi voorbeeld van hoe deze architecten dachten: niet in kamers, maar in plekken om te leven.

Glas tot op de vloer

Het derde element is het glas. Na de oorlog werden ramen groter, kozijnen slanker en gevels opener. Het glas tot op de vloer is misschien wel het duidelijkste teken van het moderne huis: het haalt de tuin naar binnen en maakt van het licht een deel van de kamer. In Drachten kijken plafondhoge glaspartijen uit op terras en tuin. In Laren is de patio vanuit vrijwel elke kamer zichtbaar. In Nijmegen valt het licht via een glazen dak tot in de zitkuil.

Glas komt in deze huizen ook in andere vormen terug: rookglas in de jaren zeventig, glazen bouwstenen, schuifpuien die de kamer in de zomer openzetten naar het terras. In De Braamakkers trekt een vensterpartij over bijna de volle hoogte van de oostgevel de ochtend naar binnen.

Huize Sisu, Nijmegen – vide onder het glazen dak
Vide onder het glazen dak. Huize Sisu, Nijmegen. Foto: Redres

Ingebouwd en op maat

Wat deze huizen ook gemeen hebben, is het ingebouwde meubilair. In De Braamakkers horen vaste banken, kasten en tafels bij het ontwerp van Rietveld. In Villa ‘Voorbij de wegen’ in Rhoon, uit 1950, zijn de maatkasten, het visgraatparket en zelfs de oorspronkelijke plafonnières bewaard, net als de keuken naar Amerikaans model. In Diemen zijn de kurkwanden, schrootjesplafonds en Sphinx-tegels nog origineel, en opent een winter-/zomertrap in de zomer de vide.

Villa ‘Voorbij de wegen’, Rhoon – originele keukenkasten
Originele keukenkasten. Villa ‘Voorbij de wegen’, Rhoon. Foto: Redres
Zomerhuis De Braamakkers, Breukelen – eethoek met vaste bank
Eethoek met vaste bank. Zomerhuis De Braamakkers, Breukelen. Foto: Redres

Zo’n interieur vraagt iets van de bewoner. Je past je aan het huis aan, niet andersom. Maar het geeft ook veel terug: een kast die al vijftig jaar op dezelfde plek staat, is geen beperking meer, maar een vast punt in een huis dat klopt.

Behouden of vernieuwen?

De grote vraag voor wie zo’n huis koopt: wat houd je, en wat vervang je? Een zitkuil dichtgooien is zo gebeurd, zoals in de jaren tachtig op veel plekken ook gebeurde; hem terugbrengen is bijna onmogelijk. Hetzelfde geldt voor een originele keuken, een haardwand of een schrootjesplafond. Wat de ene koper ‘gedateerd’ noemt, is voor de andere precies de reden om dit huis te willen.

Daarom is het belangrijk dat zulke huizen worden gepresenteerd zoals ze zijn, met oog voor wat er origineel is en waarom dat ertoe doet. Een zitkuil, een zwevende haard, een wand van glas: het zijn de elementen die het moderne huis van na de oorlog zijn karakter geven, en die steeds zeldzamer worden.

De huizen in dit verhaal

alle huizen

een initiatief van redres.

Een modern huis verkopen, of zoekt u er een?

hetmodernehuis.nl wordt uitgegeven door Redres de Bouwkunstmakelaar, makelaar in erfgoed, architectuur en bijzonder vastgoed, landelijk actief vanuit Hilversum.

zoekprofiel aanmakenverkopen met redres